« Frekie, de inclusieve samenleving!

Gepubliceerd op 14-12-2017

Frekie woonde in de buurt maar zat niet op onze school. Hij was een debiele jongen, een mongool. Wanneer ’s middags om vier uur onze schoolbel was gegaan en we gingen voetbal spelen, kwam Freek er altijd aan. Meestal riep er iemand wel: "Kom maar, Frekie, doe maar mee". Welke kant 'ie uit moest schoppen, daarvan had 'ie geen idee. Maar we legden dan de bal op twee meter van ’t doel. En we riepen: "Schieten Frekie" en hij trok een ernstig smoel. Als 't raak was, dook de keeper naar de verkeerde kant. En 't was goal, en dan was Frekie kampioen van Nederland. Misschien vind je Frekie zielig maar dat is 'ie niet voor mij. Want ik zag nog nooit een jongen die zo blij kon zijn als hij...

Willem Wilmink schreef "Frekie" begin jaren 70. Gisteravond werd dit lied gezongen bij De Wereld Draait Door. Het zette mijn gedachten over de inclusieve samenleving op scherp.

Zijn we doorgeschoten met de verzorgingsstaat?
Vroeger was het normaal dat de ‘gekke jongen uit de straat’ gewoon mee deed met een potje voetbal op straat of thuis over de vloer kwam. Vroeger was zorg en welzijn meer iets van families, buren en de mensen samen. Met de opbouw van de verzorgingsstaat heeft de overheid steeds meer verantwoordelijkheden op het gebied van zorg en welzijn overgenomen. Het is steeds meer geïnstitutionaliseerd en de specifieke voorzieningen voor allerlei doelgroepen nemen toe. Zijn we daarin doorgeschoten?

Een paar feiten. Nederland heeft 3x zoveel mensen in een sociale werkvoorziening dan Duitsland en 3 tot 10 x zoveel mensen met een GGZ problematiek in de intramurale zorg. En we hebben 130.000 kinderen in vormen van speciaal onderwijs. En 10.000 tot 15.000 jonge thuiszitters.

Van kwetsbaarheid/ beperking (hokje) naar participatie (samen) 
Heb je een probleem? We hebben nog 20 andere met hetzelfde probleem en die zetten we samen in een hokje. De gelijk beperkten zetten we bij elkaar in een sociale voorziening. En dat moeten we weer normaliseren. Mensen met een beperking of kwetsbaarheid moeten in een onze samenleving kunnen meedoen in plaats van dat we iets apart voor ze creëren. Kortom: van zij naar wij.

Sommige landen zijn ons daar ver in voor. Neem Canada. In Toronto (6 mln inwoners) zitten 100 kinderen op speciaal onderwijs. Zij hebben kleine klasjes in reguliere scholen en kinderen met bijv autisme zitten gewoon in de klas met de juiste expertise erbij. In Nederland zetten we die expertise in een ander gebouw en worden de kinderen er met busjes naartoe gebracht. Hiermee benadrukken we hun beperking.

In het verleden keken we vooral naar beperkingen (waar zit uw handicap, stoornis, ziektebeeld of gebrek). Het is veel mooier om te zeggen “Ja natuurlijk regelen we de juiste voorziening of hulpmiddel als u die echt nodig heeft maar de kernvraag is: waar zit je droom, je passie, je kwaliteit?" Dus redeneren vanuit een participatieperspectief in plaats van een zorgperspectief. Mensen hebben hun kwetsbaarheden maar ook hun krachten en talenten.

Nu is de kans om het anders te doen!
De omslag naar deze inclusieve samenleving biedt kansen nu meer taken van het rijk naar gemeenten gaan. Lokale gemeenschappen kunnen veel meer lokaal verbindingen maken voor wat nodig is. En ja, er zullen altijd specialistische voorzieningen nodig zijn. Maar laten we kijken waar we uit de bocht gevlogen zijn en wat we met elkaar anders kunnen doen. En wellicht zijn de Frekies straks gewoon weer fijn op straat aan het voetballen! 

151320747994cba824cbe4aacd31ec0183b72f3790.jpeg